a inleiding
Een schoenenfabriek in Noord-Brabant maakt elke week een bestand met gegevens
over de produktie. Aan het eind van elke week worden de records van dit bestand
gecontroleerd op bestaanbaarheid. De goedgekeurde records worden toegevoegd
aan een cumulatief bestand. Aan het eind van het seizoen bevat dit bestand
dan de gegevens van alle geproduceerde schoenen. Gedurende het controleproces
worden alle foutieve records op de printer afgedrukt. Als alle goedgekeurde
records zijn toegevoegd, dan wordt een rapport gemaakt van alle records in
het cumulatieve bestand.
b bestanden
c uitvoer
De foutenlijst heeft de volgende indeling. Er hoeft geen rekening gehouden
te worden met de overgang naar een nieuwe bladzijde.
Bij het rapport moet het programma er rekening mee houden dat de uitvoer meer dan één blad kan beslaan. Boven elk nieuw blad moet dan weer een kopregel komen. De indeling van het rapport is als volgt:
Wanneer bij het maken van het rapport blijkt dat het bestand cumulatief geen records bevat, dan geeft de eerste leesopdracht meteen end-of-file. In dat geval moet er op het standaarduitvoerapparaat de volgende boodschap komen:
Na deze foutmelding kan het programma worden beëindigd.
d controles
De records in het bestand produktie moeten als volgt gecontroleerd
worden.
controle melding indien onjuist het modelnummer moet numeriek zijn MODELNR ONJUIST de pasvorm moet D E F G of H zijn PASVORM ONJUIST de maat moet minstens 17 en hoogstens 46 zijn MAAT ONJUIST de kleurcode moet numeriek zijn KLEUR ONJUIST
e programmastructuurdiagrammen
De werking van het programma is neergelegd in schema's.